Dit artikel verscheen op PrimaOnderwijs.nl op 2 juni 2026

In een speellokaal kruipen kinderen door een mond naar binnen. Even later staan ze oog in oog met opdrachten over het lichaam. Elders in de school praten kleuters over het skelet en geven (hoog)begaafde leerlingen uit de Explora-klas mini-colleges aan jongere leerlingen. Wie op de brede school Het Anker in Wijk bij Duurstede rondloopt, ziet geen losse lessen naast elkaar, maar een school waarin kennis zich opbouwt en steeds terugkomt.

Beeld: © Ministerie van OCW

De school werkt al enkele jaren thematisch, met rijke teksten en een doordachte opbouw van groep 1 tot en met groep 8. Toen de nieuwe kerndoelen in beeld kwamen, voelde dat voor Jeanette Brinksma en Marjolein Vrauwdeunt als herkenning. “De nieuwe kerndoelen waren voor ons eigenlijk de bevestiging dat we de goede weg op waren gegaan.” Deze bieden namelijk meer samenhang binnen en tussen de leergebieden en concrete handvatten voor versteviging van de basisvaardigheden.

Een curriculum dat past bij de schoolpopulatie

De school koos heel bewust voor deze manier van werken. Met een brede populatie – van reguliere en hoogbegaafde leerlingen tot nieuwkomers en leerlingen uit het speciaal (basis)onderwijs – groeide de behoefte aan een aanpak die recht doet aan al die verschillen. “Een manier om alle kinderen eerlijke kansen te geven, is door vanaf dag één dezelfde kennis aan te bieden”, vertelt Jeanette.

Daarom werkt de school met diverse thema’s die per leerjaar verdiept worden en terugkeren. Vanuit de vraag wat leerlingen aan het eind van groep 8 moeten kennen en kunnen, wordt het onderwijs opgebouwd.Schoolleider Jeanette bewaakt die lijn en houdt het gesprek daarover gaande. “We blijven steeds teruggaan naar de vraag: wat hebben deze kinderen nodig?” Die focus helpt om keuzes te maken en het onderwijs stapsgewijs aan te scherpen.

Samenhang als uitgangspunt

Binnen de thema’s wordt bewust gezocht naar samenhang. Jeanette en Marjolein spreken niet over afzonderlijke vakken die ergens in het rooster een plek moeten krijgen, maar over een leeromgeving waarin kennis en ervaringen op het gebied van taal, lezen, schrijven, burgerschap en digitale geletterdheid in elkaar grijpen.

Beeld: © Het Anker

Marjolein: “Neem als voorbeeld digitale geletterdheid. We willen het koppelen aan de wereld waarin leerlingen zich gaan bewegen. Denk hierbij aan het schrijven van een tekst: die werken ze dan ook uit in een programma als Word. Bij presentaties oefenen ze met PowerPoint. En wanneer ze bijvoorbeeld een trema leren schrijven, hoort daar ook bij hoe je die op het toetsenbord maakt. Tegelijk leren ze hoe je informatie opzoekt, hoe je bronnen beoordeelt en hoe je je online gedraagt. Wat doe je als iets niet klopt? Hoe ga je om met wat je tegenkomt? Zo groeit digitale geletterdheid mee met taal en kennis, binnen hetzelfde thema.” Jeanette vult aan: “De methode blijft ondersteunend. Leerkrachten gebruiken wat nodig is en passen aan waar dat beter aansluit bij het doel. De nieuwe kerndoelen helpen daarbij om scherper te kijken: welke doelen zijn leidend en hoe vertalen we die naar de les?”

Investeren in professionalisering

Het Anker investeert bewust in professionalisering. Binnen de school werken specialisten die het thematisch werken ondersteunen, zoals een coördinator thematisch werken, rekenspecialist, taalspecialist, specialist hoogbegaafdheid, specialist nieuwkomers en coaches op close reading.

De specialisten combineren hun rol met het werk in de klas, waardoor nieuwe ideeën direct worden uitgeprobeerd en bijgesteld. Marjolein speelt daarin als coördinator thematisch werken een belangrijke rol. “We doen het echt samen”, zegt ze. “Je hebt mensen nodig die het voortouw nemen en collega’s die het gaan uitproberen.” 

Kinderen staan ‘aan’

In de klassen is het effect zichtbaar. Leerlingen zijn actiever en meer betrokken bij de lessen. Ze bouwen kennis op die ze kunnen gebruiken in andere vakken en in nieuwe situaties. “Kinderen staan hier echt ‘aan’”, zegt Jeanette.

Een kennisbasis blijkt ook belangrijk voor andere vaardigheden. Begrijpend lezen krijgt meer diepgang wanneer leerlingen beschikken over voldoende achtergrondkennis.

Dat vertaalt zich ook in resultaten. Alle leerlingen behalen het 1F-niveau voor lezen en de scores op de doorstroomtoets zijn de afgelopen jaren boven het gemiddelde uitgekomen. Daarnaast merken ouders verschil. Leerlingen vertellen thuis enthousiast over wat ze leren en kunnen beter uitleggen waar ze mee bezig zijn.

Ondersteuning en samenwerking

De school kreeg ondersteuning vanuit het Masterplan basisvaardigheden. Daarmee kon het team investeren in materialen en expertise. “Niet alleen het geld, maar ook de begeleiding heeft ons echt geholpen”, zegt Marjolein. “Het was fijn om samen te werken en te denken over verbetering van het onderwijs op onze school.” Ook voor de curriculumvernieuwing op scholen zal het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) ondersteuning opzetten. 

Onderwijscoördinator bij het ministerie van OCW Martine van Schaik was vanuit de subsidie Verbetering basisvaardigheden betrokken bij Het Anker.

“Wat deze school sterk doet, is dat zij goed kijken naar wat de leerlingen nodig hebben en dat meenemen in de opbouw van hun schooleigen curriculum. Ze zetten in op samenwerking en een professionele leercultuur in het team, waardoor ontwikkelingen breed gedragen worden. Ook onderzoekt het team met elkaar wat werkt.” Voor andere scholen is haar advies: “Begin bij de leerlingen: wat hebben zij nodig? Werk van daaruit met elkaar aan het curriculum van de school. De nieuwe kerndoelen geven richting, maar de vertaling gebeurt in de school.”

Beeld: © Ministerie van OCW

Dit artikel is verschenen op de website van PrimaOnderwijs